
Burn-out in de horeca: zo voorkom je het en herstel je sterker
Werken in de horeca is dynamisch, sociaal en afwisselend. Je maakt gasten blij, je werkt in een team en geen dag is hetzelfde. Tegelijkertijd is het ook een branche waarin het tempo vaak hoog ligt. Uit cijfers over 2024 blijkt dat de horeca de bedrijfstak is waarin werknemers het vaakst werkdruk ervaren. In dezelfde cijfers staat dat 32% van de werknemers in Nederland vaak of altijd werkdruk ervaart, en dat dit per sector sterk verschilt: in 2024 was de werkdruk in de horeca het hoogst.
Die hoge druk zie je ook terug in specifieke horecafuncties. Volgens de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA) had in 2024 34,4% van kelners en barpersoneel “stressvol werk” (hoge taakeisen én weinig autonomie). Bij koks gaat het om 29,8%. Dat betekent niet dat iedereen in de horeca richting burn-out gaat, maar het maakt wel duidelijk waarom het belangrijk is om signalen op tijd te herkennen en slim met je energie om te gaan.
In dit artikel lees je wat een burn-out is, welke vroege signalen vaak voorkomen in de horeca, en vooral: wat je praktisch kunt doen om een burn-out te voorkomen en hoe je het beste herstelt als je al over je grens bent gegaan.
Wat is een burn-out (en wat niet)?
Burn-out is geen “aanstellerij” en ook geen teken dat je niet geschikt bent voor je werk. Het ontstaat vaak door langdurige stress, waarbij herstelmomenten te kort zijn of ontbreken. Je raakt leeg: mentaal, fysiek en emotioneel. Personio beschrijft burn-out als een vorm van werkgerelateerde stress met onder andere uitputting en mentale afstand tot je werk.
Belangrijk om te weten: je hoeft niet volledig uit te vallen om actie te moeten nemen. Juist in de fase vóór een burn-out kun je veel voorkomen.
Waarom juist in de horeca het risico hoger kan zijn
Horecawerk combineert vaak meerdere “stressverhogers” tegelijk:
Piekdrukte en hoog tempo (lunch/diner, events, weekenden)
Onregelmatige diensten en soms weinig herstel tussen shifts
Emotionele belasting: gastcontact, klachten, altijd “aan” staan
Minder autonomie in sommige rollen (protocollen, vaste werkwijzen)
Personeelstekorten, waardoor je sneller structureel over je grens gaat
Als je dit herkent: het is niet jouw “fout”. Het is wél een signaal om je werk- en herstelritme serieus te nemen.
Vroege signalen van (dreigende) burn-out
In de horeca sluipen klachten er vaak in, omdat je gewend bent door te gaan. Let extra op als je dit langer dan een paar weken merkt:
Lichamelijk
Slechter slapen of niet uitgerust wakker worden
Hoofdpijn, maag-/darmklachten, gespannen spieren
Vaak verkouden of “niet fit”
Mentaal
Concentratieproblemen (fouten, dingen vergeten)
Kort lontje, sneller geprikkeld
Piekeren, vooral na je shift
Emotioneel
Minder plezier in het werk waar je eerder energie van kreeg
Cynischer worden (“laat maar”), sneller geïrriteerd door gasten/collega’s
Je leeg voelen of emotioneel “vlak”
Gedrag
Steeds vaker extra diensten pakken terwijl je eigenlijk moe bent
Meer koffie/energydrink nodig om te functioneren
Minder afspreken met vrienden of sporten omdat je “op” bent
Burn-out voorkomen: 8 praktische stappen die wél werken
1) Maak je energielekken zichtbaar
Je hoeft niet alles te veranderen. Begin klein: noteer één week lang wat jou leegtrekt en wat juist energie geeft. Denk aan:
type shifts (split shifts, sluitdiensten)
gastdrukte (banqueting vs à la carte)
taken (kassa, mise-en-place, klachten, roomservice)
Als je weet waar je lek zit, kun je gericht bijsturen.
2) Plan herstel net zo serieus als je werk
Herstel gebeurt niet “tussen de bedrijven door”. Zet het vast:
na een late dienst: rustblok de volgende ochtend
na 3–4 intensieve shifts: één echte hersteldag (niet vol plannen)
microherstel op je shift: 2 minuten adem/buitenlucht kan al helpen
3) Bescherm je slaap (dit is je basis)
Slaap is vaak de eerste die sneuvelt bij onregelmatig werk. Tips die in de horeca realistisch zijn:
vaste “afschakelroutine” na een late dienst (douchen, licht dimmen, scherm uit)
cafeïne-cut-off: bijvoorbeeld na 14:00 (of 6–8 uur vóór slapen)
eet licht na je shift (zwaar eten = slechter slapen)
4) Zet grenzen in beschikbaarheid
Veel stress ontstaat doordat je nooit écht “uit” staat.
Zet je werk-apps op stil buiten je shifts
Spreek met jezelf af: je reageert op roostervragen pas op vaste momenten
Durf “nee” te zeggen tegen extra diensten als je al op je tandvlees loopt
5) Maak je werk bespreekbaar vóór het misgaat
Een korte, concrete boodschap werkt het best:
“Ik merk dat ik structureel moe ben en meer fouten maak. Ik wil samen kijken hoe ik dit gezond houd.”
Vraag om één aanpassing die impact heeft: een andere dienstverdeling, meer pauzemomenten, minder sluit-open combinaties, of tijdelijk minder uren.
6) Train je focus: minder multitasken
In de horeca voelt multitasken soms onvermijdelijk, maar je kunt wél slimmer schakelen:
werk met mini-blokken: “eerst tafels opnemen, dan drank doorgeven, dan afrekenen”
spreek met collega’s af wie welke piektaak pakt
maak ‘één ding af’ voordat je naar het volgende springt (waar mogelijk)
7) Eet en drink voor stabiliteit (niet perfect, wel haalbaar)
Je hoeft geen voedingsschema te volgen. Mik op:
water zichtbaar in de buurt
iets met eiwit/vezels vóór de piek (yoghurt, noten, banaan + kwark, volkoren wrap)
vermijd “alleen suiker” in de piek → energiecrash
8) Vraag op tijd hulp
Een burn-out voorkomen is makkelijker dan ervan herstellen. Als je signalen herkent:
praat met iemand die je vertrouwt
neem contact op met je huisarts of bedrijfsarts als klachten aanhouden
bij werkgerelateerde druk: wacht niet tot je écht uitvalt
Herstellen van burn-out: wat helpt (realistisch) in de horeca
Als je al (bijna) omvalt, is je doel niet “snel weer knallen”, maar duurzaam herstellen.
1) Accepteer dat herstel fases heeft
Herstel is zelden lineair. Vaak gaat het zo:
eerst: uitputting omlaag, slapen stabiliseren
daarna: prikkels beter verdragen
pas daarna: opbouw van energie en werk
2) Begin met prikkelreductie, niet met oplossen
In het begin helpt het meestal niet om alles te analyseren. Focus op basis:
slaap
rustmomenten
lichte beweging (wandelen)
vaste eetmomenten
3) Bouw werk langzaam op met duidelijke grenzen
Terugkeer werkt vaak beter met:
kortere shifts
minder piekdiensten in het begin
duidelijke pauze-afspraken
één vaste aanspreekpersoon op de vloer
4) Evalueer wekelijks: wat ging goed, wat kostte te veel?
Houd het simpel: 3 bullets per week. Zo voorkom je dat je te snel opschaalt.
5) Leer je “nieuwe grens” kennen
Veel mensen vallen terug omdat ze teruggaan naar “oude snelheid”. Gezond herstel betekent:
je tempo doseren
signalen eerder serieus nemen
structureel herstel inbouwen (ook als het weer beter gaat)
Tot slot: werkdruk erken je, burn-out voorkom je samen
De horeca vraagt veel van je. Dat laten cijfers ook zien: de werkdruk ligt in deze sector het hoogst en bij functies als bediening en keuken komt stressvol werk relatief vaak voor. Het goede nieuws: je kunt veel doen om klachten voor te blijven, zeker als je vroeg begint met grenzen, herstel en het bespreekbaar maken van je belasting.
Bronnen:
https://catalogus.boekman.nl/pub/arbeidsmarktincijfers2024.pdf
https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/46/bijna-1-op-de-6-werknemers-heeft-stressvol-werk